Bijgewerkt op

Naden en kieren in behang voorkomen

Veel mensen denken dat zichtbare naden er nu eenmaal bij horen als je zelf behangt. Dat is een misvatting: een strak behangen wand waarop je de overgangen tussen de banen nauwelijks terugvindt, is ook voor een doe-het-zelver haalbaar. Naden en kieren ontstaan namelijk bijna altijd door een handvol vermijdbare fouten in de voorbereiding en de verwerking. Wie die kent, kan ze stuk voor stuk uitsluiten.

Waar komen zichtbare naden vandaan?

Een naad valt op zodra er tussen twee banen een kier ontstaat, een randje omhoog komt of het licht op een hoogteverschil valt. De meest voorkomende oorzaken:

  • Een donkere of vlekkerige muur die door de kier heen schemert.
  • Papierbehang dat te kort of juist te lang heeft geweekt en daardoor krimpt of uitzet.
  • Te weinig lijm aan de randen, waardoor die tijdens het drogen loskomen.
  • Banen die niet zuiver verticaal hangen en daardoor scheef op elkaar aansluiten.
  • Trekken en duwen aan een natte baan om hem passend te krijgen.
  • Tocht of felle verwarming tijdens het drogen, waardoor het behang te snel en ongelijkmatig droogt.

De ondergrond: hier win of verlies je de klus

Strakke naden beginnen bij de muur zelf. Een gladde, egale en licht zuigende ondergrond zorgt dat de lijm gelijkmatig hecht en dat een minimale kier niet opvalt. Vul gaatjes en scheuren, schuur oneffenheden weg en behandel de wand met voorstrijk volgens de aanwijzingen op de verpakking. Hoe je dat volledig aanpakt, lees je in het artikel over het voorbereiden van de muur op behangen.

Is de muur donker of gevlekt en komt er licht behang op? Werk hem dan eerst egaal licht bij, zodat een haarkier niet als donkere streep aftekent. Behang daarnaast liever niet over oude lagen heen: die kunnen loskomen en oude naden drukken zich door het nieuwe behang heen af. Wanneer overheen behangen wel en niet verstandig is, lees je in het artikel over behangen over oud behang.

Zo sluit je de banen onzichtbaar aan

  1. Zet voor de eerste baan een verticale hulplijn met een waterpas of schietlood en controleer die richting bij elke volgende baan.
  2. Hang de nieuwe baan eerst bovenaan losjes tegen de vorige en schuif hem stotend aan: de randen raken elkaar precies, zonder overlap en zonder kier.
  3. Werk van de naad naar buiten toe. Strijk de baan met een behangspatel of behangstrijker van het midden naar de randen, zodat lucht en overtollige lijm naar buiten verdwijnen.
  4. Rol de naad direct na het aandrukken na met een nadenroller, met rustige druk. Bij behang met reliëf druk je de naad voorzichtig aan met een doek, zodat je de structuur niet plat rolt.
  5. Verwijder lijmresten op de naad meteen met een schone, vochtige spons; opgedroogde lijm gaat glimmen en verraadt elke overgang.

Volg verder de vaste werkvolgorde uit het complete stappenplan voor het behangen van een muur, inclusief de juiste werkrichting vanaf het raam.

Geef het behang de kans rustig te drogen

Veel naden ontstaan pas na het behangen, tijdens het drogen. Krimpt het behang doordat het te snel droogt, dan trekt de baan zich terug en staat de naad open. Houd ramen en deuren dicht zolang de wand droogt, zet de verwarming niet hoog en richt nooit een bouwdroger of ventilator op de muur. Laat de kamer daarna gewoon op normale temperatuur komen; de aanwijzingen van de behang- en lijmfabrikant op de verpakking zijn hierbij leidend.

Gebruik ook de lijm die bij het behangtype hoort en doseer volgens de verpakking. Te dun aangemaakte lijm verliest plakkracht aan de randen, precies waar je die het hardst nodig hebt.

Toch een naad zichtbaar? Zo herstel je het

Staat er na het drogen ergens een naad open of is een randje losgekomen, dan hoef je meestal niet opnieuw te beginnen. Met speciale naadlijm en een nadenroller is veel te redden. In het artikel over het herstellen van luchtbellen en openstaande naden in behang staat precies hoe je dat aanpakt zonder het behang te beschadigen.

Veelgestelde vragen

Moet behang overlappen of stotend aansluiten?

Modern behang plak je stotend: de randen raken elkaar precies, zonder overlap. Alleen bij sommige hoekoplossingen werk je bewust met een kleine overlap die je daarna nasnijdt.

Waarom trekken mijn naden open tijdens het drogen?

Meestal door te snel drogen bij tocht of hoge verwarming, of door krimp van te lang geweekt papierbehang. Laat de wand rustig en gelijkmatig drogen met ramen en deuren dicht.

Helpt een nadenroller echt?

Ja, mits je hem direct na het hangen met rustige druk gebruikt. De roller drukt beide randen gelijkmatig in de lijm. Bij reliëfbehang gebruik je liever een doek.

Zie je naden meer bij donker behang?

Bij donker behang valt een kier eerder op doordat de lichte muur erdoorheen schemert. Werk de ondergrond bij donker behang daarom in een vergelijkbare donkere tint bij.